Shaffy leeft

2013
Afgelopen weekend was het weer zover: de opening van het culturele seizoen met de Uitmarkt. Ik mocht het hele weekend rondscharrelen bij het main stage, voor een ode aan Ramses Shaffy en voor de Musical Sing-a-long. Ik had nog net niet mijn Lowlandstentje op de compound opgezet, tussen de wagens van DutchView, United en Facility House. Wat een heerlijke aanblik trouwens. 3 Facilitaire bedrijven die harmonieus samenwerken. Niks wantrouwen, gebrek aan gunning… dat zie ik op kleinere schaal minder vaak!
Op de compound was het een gezellig weerzien van allerlei collega’s. Muziek, theater, technisch, tout regisserend Nederland dat sporen verdiend heeft… er was geen doorkomen aan. Eerst iedereen zoenen, dan eens zien of je met je kistjes bij het podium komt.

Zaterdag was Shaffydag. Je zou wel kunnen zeggen dat die man er bij iedereen inhakte want de voltallige ploeg liep de hele dag te ‘hahahahahaaaahaaaaa├źn’. Pastorale. Als die je pakt kan je het verder wel vergeten. In de categorie plakkers: de Musical Sing-a-long was nog een etmaal van ons weg dus Do a Deer kon het niet verdringen. Nou heb ik er absoluut geen bezwaar tegen want als voormalig musicus weet je natuurlijk dat die liedjes deugen van voor tot achter en bovendien maakt het in iedereen op zijn minst een heel klein beetje rebellie los.

Ramses. Hij is alweer 4 jaar dood. Ook in die laatste jaren heb ik nog regelmatig met hem gewerkt. Op festivals, in studio’s, in theaters. De mannen van Alderliefste haalden hem trouw op (ze zeggen dat ze hem altijd een goeie fles rood in het vooruitzicht moesten stellen) en sleepten hem het hele land door.

Zo ook die dag naar Nijmegen. Er was een benefietje, een televisieprogramma met gironummer, en een heel leger aan rotarybobo’s die daar heel belangrijk liepen te doen.
De hele dag werd er gerepeteerd in die prachtige zaal van de Vereeniging.
Tussen de bedrijven door hielden artiesten en crew zich op in een zaal boven, waar koffie en broodjes waren, en fijne tafels om aan te kunnen zitten en bij te kletsen.
Ramses zat met Gerard Alderliefste aan een tafel, ik ging bij ze zitten. Het bandje van Gerard tourde al een tijdje rond met Ramses, het recept om Ramses uit zijn rusthuis te krijgen was een simpele: rijd een ouwe 2cv voor en zet een fles rode wijn goed in het zicht, op het dak. De rest volgt vanzelf en zingen deed hij ook nog prima.
In de deuropening van de zaal waar we zaten, stond een rotary-bobo handenwringend te turen. Wie kan ik nog besluipen om mijn verzoekjes te doen, een dankwoordje hier, een naamsvermelding daar, u kent dat wel. Wat fijn om hier allen bijeen te zijn en wat een eer blablabla.
Strak in het pak, geel pinkelhoutje iets te strak om zijn rimpelige nek, krijgt hij Ramses in het vizier en je ziet het eurekamomentje boven zijn hoofd: “D├şe moet ik hebben!” en beent doelmatig op onze tafel af. Ramses, die tot dat moment op zacht nivo met Gerard zat te keuvelen, draait zijn hoofd om naar de man en doet “huuuuuuuuuhuhuhu!!!”
De man houdt zijn laatste pas in, het lijkt alsof hij schrikt. Ramses heft zijn armen boven en voor zijn hoofd, alsof hij een aanval met een hakbijl probeerde af te wenden. Nogmaals klinkt het “Huuuuuhuhuhuhu” en daarna schreeuwt hij met overslaande stem “Ga weg! Huuuuuuuuuhu! Ga! Weg!”
De man beent bijna net zo snel als hij op ons afbeende, achterwaarts weg. Beter maar niet, dus? Zodra hij op veilige gehoorsafstand verdwenen is, mompelt Ramses tegen ons “Zo, waar hadden we het over”.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *